Nieuwe methode helpt zorgverleners in efficiënte keuze van incontinentiematerialen

Onderzoek Essity: juiste keuze incontinentiemateriaal bespaart tot 13 weken tijd per zorginstelling op jaarbasis

Maandag 1 oktober 2018 — Wereldwijd hygiëne- en gezondheidsbedrijf Essity, moederbedrijf van TENA, ontwikkelde een methode waarmee zorgverleners een weloverwogen keuze kunnen maken voor het juiste incontinentiemateriaal. De zogenaamde ‘Usability methode’ is gebaseerd op vier factoren: pasvorm, de tijd die het kost om te verwisselen, fysieke belasting en financiële efficiëntie. Een dergelijke methode was tot nu toe nog niet voorhanden, waardoor vaak gekozen werd voor het goedkoopste, en daarmee niet altijd het meest passende product. De juiste keuze voor een product leidt uiteindelijk tot tijdsbesparing, minder fysieke belasting en kostenefficiëntie. 

Incontinentie is een aandoening waar ruim 8 procent van de wereldbevolking mee te maken krijgt.[1]Het kan niet simpelweg verholpen worden door het aanpassen van de levensstijl of door middel van therapieën.  Voor een optimale zorg, moet incontinentiezorg individueel afgestemd worden op de behoefte van de patiënt. Bovendien hebben zorgverleners tools nodig voor de keuze van de meest geschikte incontinentieproducten in verschillende zorgsituaties.

“Er bestaat momenteel geen universele tool die zorgverleners -zowel in thuiszorg als in zorginstellingen- helpt om producten af te stemmen op de behoefte van patiënten. De resultaten uit deze studie zijn een stap in de richting van universele criteria voor het selecteren van de juiste incontinentieproducten."
Sofie Jacobs,  Brand Manager bij Essity

De keuze voor het juiste product heeft volgens het onderzoek, dat gebaseerd is op een gemiddelde zorginstelling (3 verschoningen per dag op 50 bewoners), veel invloed op tijdsefficiëntie. Zo kunnen zorgverleners op jaarbasis tot zo’n 13 weken tijd besparen door patiënten een verband met heupband of een incontinentiebroekje te laten dragen. 

Niet alleen is het aantrekken van deze producten tijdbesparend, ze verminderen ook de lichamelijke belasting voor de zorgverleners omdat zij minder rugbuigingen hoeven te maken. Jaarlijks heeft immers bijna 8 op de 10 (77%) van de zorgverleners last van pijn in de onderrug; een veelvoorkomende oorzaak van verzuim en vervroegd pensioen[2]. Maatregelen voor de verbetering van de werkomstandigheden kunnen zorgen voor grotere tevredenheid in de sector, waardoor ziekteverzuim afneemt en kosten voor invalkrachten kunnen worden bespaard. 

-Einde persbericht-

Voor meer informatie, neem contact op met:
Neem voor meer informatie contact op met Gertie Eikenaar, communications director Benelux (Gertie.Eikenaar@essity.com of +31 6 5124 8386 of +31 30 6984 638) of Wilma Schippers van Blyde  (wilma@blyde.be of +32479950855).

Over de studie
De studie werd uitgevoerd door het Research Institute of Sweden (RISE). Het is het eerste onderzoek naar een methode om specifieke attributen of absorberende incontinentieproducten te onderscheiden.

Tijdens de studie werd getest hoe gebruiksvriendelijk de producten zijn tijdens het verwisselen. Gedurende de onderzoeksperiode verwisselden ervaren zorgverleners vier verschillende TENA producten, namelijk: incontinentiebroekjes [TENA Pants], verbanden met heupband [TENA Flex], eendelige verbanden met plakstrips [TENA Slip] en verbanden in combinatie met een fixatiebroekje [TENA Comfort/TENA Fix].

Usability wordt gedefinieerd door drie verschillende factoren: effectiviteit (hoe goed past het product?), efficiëntie (hoeveel tijd kost het om het product te verwisselen en hoe groot is de belasting?) en tevredenheid, gemeten door middel van een vragenlijst ingevuld door de gebruikers. De combinatie van deze drie factoren vormt  een ‘single usability score’. 

Over incontinentie 
Incontinentie is het onbedoeld verlies van urine en/of ontlasting. De mate waarin verschilt per persoon. Hoewel wereldwijd 400 miljoen mensen er mee kampen,  wordt incontinentie niet genoeg gemeld en gediagnostiseerd en vaak niet herkend. Eén op de drie vrouwen van 35 jaar en ouder en één op de vier mannen van 40 jaar en ouder krijgen in hun leven te maken met incontinentie[1].Veel verschillende omstandigheden en stoornissen kunnen incontinentie tot gevolg hebben, zoals chirurgische ingrepen, zenuwbeschadigingen, infecties en ouderdomskwalen.

Over TENA
TENA is een merk van Essity. Met meer dan 50 jaar ervaring is TENA wereldwijd marktleider op het gebied van incontinentiezorg. We bieden een uitgebreid assortiment van absorberende producten, diensten en oplossingen aangepast op de individuele behoefte van zorgvragers, hun families en zorgverleners. Essity ontwikkelt met TENA producten en diensten die bijdragen aan de waardigheid en kwaliteit van leven van zorgvragers. Kijk voor meer informatie op www.tena.be.

Over Essity
Essity is een vooraanstaand internationaal hygiëne- en gezondheidsbedrijf dat zich inzet voor het verbeteren van welzijn met producten en oplossingen voor dagelijks gebruik.  De naam Essity is een combinatie van de woorden essentials en necessities. Ons duurzame businessmodel creëert waarde voor mens en natuur. Verkoop vindt plaats in ca. 150 landen via de toonaangevende internationale merken TENA en Tork, en andere sterke merken waaronder Jobst, Leukoplast, Libresse, Tempo, Edet, Cutimed, Delta-Cast, Actimove, Demak’Up en Plenty. Essity heeft ca. 48.000 medewerkers en de netto-omzet in 2017 bedroeg ca. SEK 109 miljard (EUR 11,3 miljard). Het hoofdkantoor bevindt zich in Stockholm, Zweden, en Essity staat genoteerd aan de Nasdaq Stockholm. Ga voor meer informatie naar www.essity.com.

[1] About Incontinence, TENA. Available here: http://www.tena.ca/about-incontinence/about-incontinence,en_CA,pg.html

[1] Irwin, D.E., Kopp, Z.S., Agatep, B., Milsom, I. & Abrams, P. (2011) Worldwide prevalence estimates of lower urinary tract symptoms, overactive bladder, urinary incontinence and bladder outlet obstruction. British Journal of Urology International108, 1132–1138.

[2] Andersen LL et al.International Archives of Occupational and Environmental Health 2012; 85(6):615–622.